maandag 8 juni 2009

Corustoernooi 2009

Enkele jaren geleden bracht ik voor het eerst een bezoek aan het Corus schaaktoernooi. Ik was op dat moment al een aantal jaren gestopt met schaken, maar de sport heeft in die periode wel altijd mijn interesse gehouden. Ieder jaar hoorde ik Hans Böhm bij ‘NOS Langs de Lijn’ verkondigen wat een fantastisch evenement het Corustoernooi is en als je een beetje van schaken houdt dat je er dan toch eigenlijk wel eens een kijkje moest gaan nemen. Dit advies heb ik op een gegeven moment maar ter harte genomen. Met (toen nog) mijn ov-studentenkaart in de tas trok ik naar Wijk aan Zee. Ik ontdekte er dat er van de uitspraken van Böhm geen woord gelogen was. Sinds die keer ben ik ieder jaar tijdens het toernooi wel minimaal één dag in Wijk aan Zee te vinden.
Naast al die wereldtoppers zag ik daar natuurlijk ook de honderden amateurschakers hun potjes spelen en het leek me wel wat om zelf ook een keer mee te doen. Voorgaande jaren was ik echter zelf niet zo actief op schaakgebied. Bovendien liet mijn drukke studieprogramma het meestal niet toe. Maar nu ik sinds een jaar weer regelmatig schaak op de club en ik dit jaar geen studie- of werkverplichtingen heb, leek het me een leuk idee om me in te schrijven voor de tienkampen. Vanuit New York verstuurde ik begin november het inschrijfformulier en later zag ik op Aruba (waar Martin van Driel me eens belde met de vraag of dat ik enkele dagen later in zou willen vallen in de externe competitie, maar dat is weer een heel ander verhaal) dat ik in het toernooi was geplaatst. De voorbereiding kon beginnen…

Vrijdag 23 januari begonnen de tienkampen. Als ratingloze speler moest ik natuurlijk onder aan de ladder beginnen. Poule 9C, daarin mocht ik mijn kunsten gaan vertonen. Dit betekende automatisch ook dat ik niet bij de grootmeesters in de grote speelzaal zat maar dat ik mijn partijtjes in ‘De Zon’ af moest werken, een cafeetje op 20 meter afstand van ‘de Moriaan’. Dat vond ik stiekem wel jammer, want wat is er nou mooier dan een toernooi spelen in dezelfde ruimte waar de beste spelers ter wereld elkaar bestrijden. Maar het zaaltje in ‘De Zon’ heeft ook zeker zijn charmes.
Toen ik van tevoren de rating van de spelers in mijn poule eens bekeek had ik wel het idee dat ik bovenin mee zou moeten kunnen draaien. Naast mij was er nog iemand zonder rating, dus het was even afwachten hoe sterk deze persoon zou zijn.
Qua resultaat begon ik erg goed. Na de eerste twee wedstrijden stond ik nog op 100%. Ik was niet echt te spreken over mijn vertoonde spel, maar dacht tegelijkertijd: “als ik met slecht spel al wedstrijdjes kan winnen, hoe moet dat dan wel niet gaan als ik beter ga spelen”. Overigens was er tijdens mijn eerste partij nog een bescheiden rel ontstaan. In hevige tijdnood noteerde ik niet meer maar zette ik streepjes. Mijn tegenstander had echter de vervelende gewoonte om zijn zetten pas te gaan noteren nadat hij er al meerdere had uitgevoerd. Daar kwam nog bij dat hij net zo snel ging spelen als ik, terwijl hij nog een uur bedenktijd had. Ik was er van overtuigd dat ik de 40e zet gehaald had dus ik begon weer rustig na te denken, waardoor het vlaggetje viel. Mijn opponent begon toen pas een keer met het noteren van de gespeelde zetten (een stuk of vijf van beide kanten) en kwam maar tot 39 zetten. Scheidsrechters erbij, partij onderbroken. Na de hele pot te hebben nagespeeld bleek meneer ergens rond zet vijftien al een zetje gemist te hebben. Mijn notatie bleek helemaal in orde. We konden dus verder spelen en aangezien de stelling volkomen gewonnen was voor mij duurde het niet lang meer voordat ik het volle punt kon incasseren.
De derde partij ging het al een stuk beter maar toch kwam ik niet verder dan remise. Ook de twee daaropvolgende partijen leverden geen winst op. Eén ervan eindigde zelfs in een nederlaag. Ik dacht mijn kansen op een goede klassering wel verspeeld te hebben, maar door een goede serie in de tweede helft van het toernooi (3,5 uit 4) eindigde ik uiteindelijk toch nog op een tweede plaats met 6,5 uit 9. De andere ratingloze speler bleek behoorlijk sterk te zijn en werd met een score van 8,5 uit 9 afgetekend eerste. Leuk voor mij om te vermelden is dat hij dat halve puntje juist tegen mij verspeelde. In de vijfde ronde troffen wij elkaar. Mijn tegenstander bouwde een aanval op die ik op zijn Italiaans (ik doel hier op het voetbal en niet op de opening met 3. Lc4) lekker kon counteren. Het leverde me een pion op. In het eindspel bood mijn tegenstander remise aan. Omdat ik, vergeleken met hem, niet zo heel veel tijd meer over had en ik na een kwartiertje nadenken geen snelle winst kon ontdekken besloot ik zijn aanbod maar te accepteren voordat ik mijn materiële voorsprong in tijdnood weer zou verblunderen. Achteraf geen slechte beslissing omdat hij de zet die ik in eerste instantie had willen spelen vrij eenvoudig wist te pareren.
De tweede plek leverde me € 40,- op. Het inschrijfgeld bedroeg € 30,- dus dat is toch mooi een tientje ‘winst’! Tevens heb ik door mijn eindklassering volgend jaar het recht om in één groep hoger te spelen. Huub schreef in zijn column al dat ik nog negen keer moest promoveren om bij de grootmeesters aan tafel te mogen zitten. Één van die negen is dus inmiddels bewerkstelligd. Op naar grootmeestergroep C!
Het was al met al een leuke anderhalve week schaken. Zwaar was het ook zeker. Om de kosten zo laag mogelijk te houden had ik besloten om elke dag op en neer te reizen met trein en bus. Dat kostte me elke dag ongeveer € 22,-, (en zes uur reistijd). Dat is goedkoper dan een gemiddelde hotelkamer. Bovendien kon ik dan ’s ochtends mijn krantenwijken blijven doen zodat er toch nog een beetje geld binnenkwam. Dit betekende wel dat elke dag ook echt een hele lange dag was: ’s ochtends om half vijf opstaan om mijn krantenwijken te doen, ontbijten, heenreis (zo’n drie uur), om half twee een potje schaken, terugreis (ook ongeveer drie uur) en dan was het meestal al wel een uurtje of acht in avond en moest ik onderhand weer naar bed om een beetje fit te zijn voor de volgende dag.
Maar het was zeker de moeite waard. Ik denk dat ik in de toekomst zeker nog wel een keer mee ga doen. Want natuurlijk moet ik nog een keer een plek in de ‘grootmeesterzaal’ zien af te dwingen. Daarvoor moet ik mijn speelsterkte nog wel een beetje verbeteren, aangezien de gemiddelde rating van spelers in de groepen 7 en 6 tussen de 1500 en 1700 ligt. De komende tijd zal ik dus maar eens goed mijn best gaan doen bij Dubbelschaak, misschien haal ik die grens dan ooit nog.

0 reacties:

Een reactie plaatsen